Waarom het ene poepzakje wél scheurt (en het andere niet)
Elke hondenbaas kent het moment. Je hond gaat er eens goed voor zitten, jij pakt braaf een zakje, en precies op het moment dat je bukt voel je meer dan je zou willen voelen. Het zakje bleek dunner dan gedacht. Dat is geen pech, dat is natuurkunde. In deze blog leggen we uit waarom sommige poepzakjes scheuren en andere niet, en waar je op moet letten als je een nieuwe voorraad koopt.
Opruimen is geen keuze (en dat is maar goed ook)
Eerst even de spelregels. In vrijwel elke Nederlandse gemeente geldt binnen de bebouwde kom een opruimplicht, en op veel plekken ben je zelfs verplicht om altijd een zakje of ander opruimmiddel bij je te hebben (gemeente Den Haag). Wie zonder zakje op pad gaat, riskeert in sommige gemeenten al een boete van zo'n 160 euro (gemeente Wageningen). Niet opruimen kost je in Den Haag 150 euro (Schoon doen we gewoon). Een rol zakjes in je jaszak is dus letterlijk de goedkoopste verzekering die er bestaat.
Maar er is een groot verschil tussen een zakje bij je hebben en een zakje bij je hebben waar je op kunt vertrouwen.
Micron: het getal dat niemand kent, maar iedereen voelt
De sterkte van een poepzakje zit in de dikte van het folie, en die wordt gemeten in micron. Eén micron is een duizendste millimeter, dus we hebben het over flinterdunne verschillen. Toch voel je die verschillen precies op het verkeerde moment.
Veel goedkope poepzakjes zitten rond de 10 tot 13 micron. Dat scheelt de fabrikant materiaal, maar jou kost het zekerheid. Zo'n dun zakje scheurt sneller bij een stevige grip, lekt eerder door en laat geuren makkelijker door. Vanaf zo'n 15 micron praat je over een zakje dat tegen een stootje kan: het scheurt niet als je nagel er per ongeluk langs gaat en het blijft dicht wat dicht moet blijven.
Staat er op een verpakking helemaal geen micron-waarde? Dan is dat meestal geen goed teken. Fabrikanten die een dik folie gebruiken, zetten dat er graag bij.
Van maiskorrel tot poepzakje
Dan het materiaal zelf. Steeds meer poepzakjes worden gemaakt van maiszetmeel gecombineerd met PBAT. Maiszetmeel is een plantaardige grondstof, en PBAT is een flexibele, biologisch afbreekbare kunststof die speciaal is ontwikkeld voor dit soort toepassingen. Samen leveren ze een zakje op dat sterk en rekbaar is, met flink minder traditioneel plastic dan een gewoon plastic zakje.
Hier hoort wel een eerlijke kanttekening bij. Biologisch afbreekbaar betekent dat schimmels en bacteriën het materiaal kunnen afbreken, maar dat maakt een zakje nog niet composteerbaar (Milieu Centraal). Een vol poepzakje hoort dus gewoon bij het restafval, daarover hieronder meer.
Waar laat je het volle zakje?
Kort en krachtig: in de afvalbak. Een vol poepzakje mag in de hondenpoepbak, een gewone openbare afvalbak of thuis bij het restafval (gemeente West Betuwe). Niet in de gft-bak, ook niet als het zakje biologisch afbreekbaar is, want composteerinstallaties kunnen er niets mee (Milieu Centraal). En al helemaal niet in de bosjes, want zelfs biologisch afbreekbaar plastic breekt in de natuur veel te langzaam af (RIVM).
Het voordeel van een materiaal als maiszetmeel met PBAT zit hem dus niet in waar je het zakje weggooit, maar in wat erin zit: minder traditioneel plastic aan de voorkant.
Waar je op let bij het kopen van poepzakjes
Samengevat komt een goed poepzakje neer op drie dingen. De dikte: 15 micron of meer, en een fabrikant die dat gewoon op de verpakking durft te zetten. Het materiaal: liever maiszetmeel en PBAT dan puur traditioneel plastic. En het gebruiksgemak: een zakje moet soepel van de rol scheuren, ook met koude vingers of een ongeduldige hond aan de lijn, en de rol moet in een standaard dispenser passen.
Sinds kort vind je bij ons de HappyPaws hondenpoepzakjes: extra sterk 15 micron folie, gemaakt van maiszetmeel en biologisch afbreekbaar PBAT, lekvrij en geurdicht. Zodat het minst leuke moment van de wandeling tenminste zo gepiept is.